Een .htaccess-bestand is een configuratiebestand dat de Apache-webserver per map gebruikt. De naam begint met een punt omdat hij standaard verborgen is, en Apache leest hem bij elk verzoek om te bepalen hoe de bestanden in die map worden afgehandeld. Het is gewone tekst, dus je opent en bewerkt hem in elke code-editor.
Zie het als een setje huisregels bij de ingang van een kamer. Iedereen die binnenkomt, moet zich eraan houden. Een regel als Redirect 301 /oude-pagina /nieuwe-pagina stuurt elke bezoeker van het oude adres door naar het nieuwe, precies wat je nodig hebt om links te laten werken nadat je een pagina hernoemt. Mensen gebruiken .htaccess ook voor eigen 404-schermen, wachtwoordbeveiliging, het blokkeren van ongewenste bots en het afdwingen van HTTPS. De regels werken bovendien trapsgewijs: een bestand in je hoofdmap geldt voor alles daaronder, en een tweede bestand dieper in de boom overschrijft die regels voor net dat stukje. Zo dwing je bovenin HTTPS af voor de hele site en zet je onderin een wachtwoord op één enkele testmap.
Omdat het bestand bij elk verzoek wordt gecontroleerd, kan een kleine typefout een 500-fout opleveren en de hele site platleggen, niet alleen één pagina. Dat is ook waarom het vooral een Apache-ding is. Draait jouw host HTTP via Nginx of een serverless platform, dan staan dezelfde regels ergens heel anders. Nginx gebruikt zijn eigen server-blokken, en een platform als Vercel werkt met een configbestand in je project. Specifiek voor doorverwijzingen is een 301-redirect hierin een betrouwbare en veelgebruikte aanpak, en het eerste waar je naar grijpt als een oude URL mensen op de juiste plek moet blijven afleveren.
Bij TopDevs houden we .htaccess-regels netjes en onder versiebeheer, zodat een snelle redirect-wijziging nooit een middag downtime wordt.