Een trigger is de gebeurtenis die een geautomatiseerde workflow start. Het is het als in als dit, dan dat: zodra er iets specifieks gebeurt, zoals een nieuwe e-mail die binnenkomt of een formulier dat wordt ingevuld, gaat de trigger af en komt de rest van de automatisering in beweging. Zonder trigger blijft zelfs de slimste workflow gewoon stilstaan te wachten.

Zie het als een lamp met een bewegingssensor. Zolang de gang leeg is gebeurt er niets, maar zodra iemand binnenloopt, detecteert de sensor beweging en gaat het licht aan. De beweging is de trigger, het aangaan van het licht is de actie. Die koppeling is de kern van het trigger-actiemodel waarop bijna elke automatiseringstool is gebouwd.

Triggers komen in een paar smaken. Sommige wachten op een gebeurtenis, sommige draaien op de klok als geplande trigger, en sommige worden vanuit een ander systeem doorgeduwd zodra er iets verandert, vaak via webhooks. De juiste keuze bepaalt hoe snel je automatisering reageert en hoeveel belasting hij op de betrokken systemen legt.

Er is één valkuil die je moet benoemen: een trigger die te makkelijk afgaat. Controleert een tool elk record om de paar minuten en ziet hij elke controle als nieuw, dan stuur je dezelfde welkomstmail twee keer. Goede setups onthouden wat ze al gezien hebben, zodat één echte gebeurtenis tot precies één run leidt en niet meer. Ook de manier waarop een trigger meekijkt telt. Een tool die elke vijf minuten controleert voelt trager dan een tool waar een webhook iets meteen naartoe duwt zodra het verandert, terwijl ze allebei dezelfde acties draaien.

Bij TopDevs bepalen we eerst de juiste trigger voor elke workflow van een klant, want een goede keuze hier is het verschil tussen een automatisering die meteen reageert en eentje die achterloopt.