CMYK is het kleurmodel voor drukwerk. Het staat voor cyaan, magenta, geel en Key (de drukterm voor zwart), de vier inkten die een drukpers op papier legt om een fullcolour beeld op te bouwen. Elke inkt slikt een deel van het licht dat op de pagina valt, en wat terugkaatst naar je oog is de kleur die je ziet.

Zie het als verf mengen. Je begint met een witte pagina, voegt inkt toe en het wordt donkerder; stapel alle vier op elkaar en je komt dicht bij zwart. Dat is precies andersom dan een scherm, waar je met zwart begint en licht toevoegt om feller te worden. Daarom kunnen een flyer en een website met “dezelfde” rood er net iets anders uitzien, en daarom letten ontwerpers op kleurmodellen als werk van druk naar scherm gaat. Een rood dat je als hex-code voor het web vastlegt, is niet automatisch het juiste CMYK-recept voor een drukker.

De valkuil is bereik. Schermen tonen neonfelle kleuren die inkt simpelweg niet haalt, dus een fel ontwerp oogt vaak rustiger zodra het voor druk is omgezet. Slim is om te ontwerpen in het model dat past bij het eindresultaat en een proefdruk te controleren voor een grote oplage. Een drukker kan de inktverhouding ook bijstellen, en een testvel kost veel minder dan tienduizend brochures opnieuw drukken. CMYK heeft een paar eigenaardigheden die handig zijn om te weten. Zwart dat je alleen uit cyaan, magenta en geel opbouwt, oogt vies, dus drukpersen voegen een aparte zwarte inkt toe, de K uit de naam. Grote vlakken donkere kleur gebruiken vaak een rijkere mix om diep te ogen in plaats van grijs. En hetzelfde bestand kan tussen twee drukkers verschuiven, omdat papier, inkt en kalibratie allemaal meespelen. Daarom telt een kleurproef.

Bij TopDevs leggen we merkkleuren van klanten vast in zowel CMYK als RGB, zodat een logo er consistent uitziet op een visitekaartje én op een landingspagina.