Een Minimum Viable Product (MVP) is de kleinste versie van een product die toch iets echt nuttigs doet voor echte gebruikers. Het doel is niet om alles in één keer te lanceren, maar om het kernidee snel uit te brengen, te zien hoe mensen echt reageren en uit dat bewijs te leren wat je daarna bouwt in plaats van te gokken.

Denk aan een restaurant openen. Je kunt een jaar besteden aan het ontwerpen van een menu met 40 gerechten voordat iemand iets proeft, of je draait een kleine pop-up met vijf gerechten waar je in gelooft en kijkt welke uitverkocht raken. Die pop-up is de MVP: goedkoper, sneller en veel eerlijker over wat klanten echt willen. Een MVP gaat een stap verder dan een proof of concept, want het is een echt product dat mensen kunnen gebruiken, niet alleen een demo dat iets technisch kan.

In software werkt dezelfde logica. Een boekingsapp lanceert misschien met één type locatie en handmatige betaalbevestiging, voordat iemand de agenda-koppeling, refunds en meerdere valuta bouwt die een volledige versie nodig heeft. Komen die boekingen nooit, dan heb je maanden werk bespaard aan functies die niemand wilde.

Het lastige is bepalen wat je weglaat. Een goede MVP lost één probleem goed op in plaats van tien problemen half, en dat vraagt om keihard prioriteren van elke voorgestelde feature tegen de vraag of die op dag één echt nodig is. Een MVP past het best als de markt onzeker is. Bij een bekende, gereguleerde eis waar het product compleet moet zijn om legaal te zijn, helpt een dunne versie niemand.

Bij TopDevs bouwen we MVP’s om vroeg een werkend product bij gebruikers te krijgen, zodat klanten hun budget besteden aan wat mensen echt gebruiken in plaats van aan aannames die nooit getest worden.